Wat men ziet en niet ziet

Beleid toont zichtbare baten en verbergt verspreide kosten.

Staatslogicakernconcept

Wat men ziet en niet ziet is de beste korte les in economisch denken. Bastiat maakt het verschil tussen het directe effect dat iedereen kan aanwijzen en de indirecte gevolgen die verspreid, vertraagd of politiek onhandig zijn. Beleid wint vaak op het eerste en verliest op het tweede.

De zichtbare kant is meestal fotogeniek: een gebouw, een subsidieontvanger, een geredde baan, een nieuw loket, een cheque, een persmoment. De ongeziene kant bestaat uit belastingbetalers, hogere prijzen, verdrongen investeringen, uitgestelde plannen en keuzes die nooit zichtbaar worden omdat ze niet meer konden plaatsvinden.

Voor Staatslogica is dit onderscheid fundamenteel. De staat verkoopt beleid via wat men ziet en schuift wat men niet ziet naar de achtergrond. Wie de verborgen kosten en gemiste alternatieven volgt, begrijpt waarom goede bedoelingen zo vaak leiden tot verspilling, afhankelijkheid en nieuwe problemen.

Bastiats onderscheid tussen het directe, zichtbare effect van beleid en de indirecte, ongeziene gevolgen.

Bijna elk beleidsvoorstel leeft van zichtbare winnaars en verborgen verliezers.

De kern in gewone taal

Als de overheid een miljoen euro uitgeeft aan een project, is het project zichtbaar. Mensen zien de aannemer, de werknemers, de opening en het resultaat. Wat zij niet zien, is wat diezelfde miljoen euro anders had kunnen doen in handen van burgers, ondernemers of spaarders.

Dat ongeziene alternatief is geen detail. Het is de echte prijs van beleid. Middelen zijn schaars, dus elke publieke besteding sluit private of andere publieke mogelijkheden uit.

De gebroken ruit

Bastiats beroemde voorbeeld is de gebroken ruit. Iemand breekt een raam en omstanders zeggen dat dit werk geeft aan de glazenmaker. Wat men ziet, is inkomen voor de glazenmaker. Wat men niet ziet, is dat de eigenaar het geld nu niet kan besteden aan schoenen, boeken, gereedschap of sparen.

De samenleving is niet rijker geworden door vernieling. Zij heeft alleen middelen verplaatst naar herstel van schade. De fout zit in het verwarren van activiteit met welvaart.

Waarom politiek van zichtbaarheid leeft

Politiek beloont zichtbaar resultaat. Een minister kan een fabriek bezoeken, een sector redden of een fonds aankondigen. De mensen die betalen zijn verspreid en vaak anoniem. De alternatieven die verdwijnen hebben geen woordvoerder, omdat ze nooit bestaan hebben.

Daarom ontstaat een structurele vertekening. Beleid met geconcentreerde baten en diffuse kosten lijkt effectiever dan het is. De baten krijgen gezichten, de kosten worden statistiek of verdwijnen helemaal uit het verhaal.

De link met subsidies en stimulering

Subsidies worden bijna altijd verdedigd met zichtbare ontvangers. Deze culturele instelling blijft open, deze fabriek behoudt banen, deze technologie krijgt een kans. Dat kan waar zijn in de eerste ronde.

Maar de tweede ronde telt ook. De subsidie trekt arbeid, kapitaal en aandacht weg bij activiteiten die zonder politieke hulp wel door klanten waren gekozen. Zij kan zwakke projecten verlengen, sterke projecten verdringen en lobby belangrijker maken dan waardecreatie.

Waarom dit bij Staatslogica hoort

Staatslogica is vaak de kunst van selectief kijken. Zij organiseert aandacht rond de zichtbare doelgroep en noemt kritiek kil, abstract of asociaal. Wie vraagt naar ongeziene kosten wordt behandeld alsof hij tegen de zichtbare baten is.

Bastiat leert precies het omgekeerde. Serieuze analyse begint pas wanneer men beide ziet: de geholpen groep en de betalende groep, de gemaakte keuze en het opgeofferde alternatief, de eerste ronde en de latere gevolgen.

Wat het narratief wil dat u gelooft

Staatsnarratieven verkopen een comfortabele lezing: tijdelijk, neutraal, noodzakelijk, in ieders belang. Daartegenover staat de analyse die prikkels, dwang en ongeziene kosten zichtbaar maakt, zodat u het verschil herkent.

Het narratief

Zichtbare banen en uitgaven bewijzen dat beleid werkt

Daartegenover

Zichtbare resultaten verbergen wat niet gebeurt: de alternatieve besteding van schaarse middelen door de mensen die betaalden.

Het narratief

Economische activiteit is altijd welvaart

Daartegenover

Herstel, verspilling en door dwang verschoven besteding kunnen veel activiteit opleveren zonder netto welvaart te vergroten.

Het narratief

Als het geld is uitgegeven, is de welvaart gecreëerd

Daartegenover

Uitgeven verplaatst middelen. De vraag is wat daarmee níet kon worden geproduceerd, gespaard of geïnvesteerd.

Artikelen over dit concept

Alle concepten