Koopkrachtmeter: waarom rendement niet hetzelfde is als koopkracht
Niet hoeveel euro’s u erbij krijgt telt, maar hoeveel koopkracht u overhoudt na geldcreatie, risico en belasting.
Lees meer →Geldhoeveelheid
Dashboard over de ongelijkheidsmachine achter inflatie: geldgroei jaagt assetprijzen aan, huizenbezitters worden beschermd, starters en spaarders lopen achter, en daarna groeit het politieke verhaal dat extra belasting nodig is om de ontstane ongelijkheid te bestrijden.
12 maanden t/m juni 2026
Hoofdmeting
Gemiddelde woning
€496.235
Modaal inkomen
€48.500
Woning/modaal
10,2x
Overheidsbeslag
44,7%
De gemiddelde woningprijs steeg in euro’s naar schatting bijna 9,8 keer zo hard als de jaarlijkse stijging van het bruto modale inkomen.
De kern is niet dat bezitters “graaiers” zijn. De kern is dat geldcreatie activa omhoog duwt. Wie al een huis, aandelen of goud bezit, heeft een vluchtroute. Wie leeft van loon en spaargeld, ziet de toegang tot bezit verder wegschuiven.
Daarna gebruikt de politiek de ontstane ongelijkheid als argument voor meer belasting en meer overheidsbeslag.
Huizenprijsindex
bestaande koopwoningen, jaar-op-jaar
4,1%
M3-geldgroei
brede geldhoeveelheid eurozone
3,3%
CPI
officiele prijsinflatie
2,8%
Modaal inkomen
CPB bruto modaal inkomen, 2025 naar 2026
4,3%
Woning/modaal
10,2x
Woning +€
€19.544
Modaal +€
€2.000
Peilperiode
12 maanden t/m juni 2026
Valuta
EUR waar beschikbaar
Hoofdvergelijking
Huizen, inkomen, geldgroei
Staatslaag
Uitgaven en bbp-beslag
Alle rendementen worden per jaar getoond en vergeleken met CPI, M3 en een box 3-rekenvoorbeeld.
Periode
12 maanden t/m juni 2026
M3-lat
3,3% per jaar
CPI-lat
2,8% per jaar
| Actief | Nominaal p.j. | Na CPI | Na M3 | Na belasting + M3 ↓ |
|---|---|---|---|---|
AEX total return 12 maanden, EUR ETF-totaalrendement justETF VanEck AEX UCITS ETFEUR-return inclusief uitkeringen als praktische AEX total-returnproxy. | 22,88% | 19,53% | 18,95% | 10,98% -50%0+50% |
Goud 12 maanden, XAU/EUR GoldBroker XAU/EURSpotgoud in euro; geen rente of dividend. | 20,83% | 17,54% | 16,97% | 9,71% -50%0+50% |
MSCI World 12 maanden, EUR ETF-return justETF iShares Core MSCI WorldWereldwijde aandelen in Europese ETF-notering; valutabewegingen zitten in de EUR-return. | 19,31% | 16,06% | 15,5% | 8,77% -50%0+50% |
60/40-portefeuille 12-maands EUR-proxy Berekening Staatslogica60% MSCI World EUR-return, 40% euro staatsobligaties 7-10 jaar. | 11,54% | 8,5% | 7,98% | 3,96% -50%0+50% |
Harry Browne-portefeuille 12 maanden, EUR-proxy Berekening Staatslogica25% MSCI World, 25% euro staatsobligaties 7-10 jaar, 25% goud, 25% EUR cash. | 10,51% | 7,5% | 6,98% | 3,32% -50%0+50% |
EUR cash / geldmarkt 12 maanden, EUR overnight ETF justETF Xtrackers EUR OvernightCashcomponent voor Harry Browne; geldmarktrendement, geen bankspaarrente. | 2,01% | -0,77% | -1,25% | -1,95% -50%0+50% |
Deposito tot 1 jaar 1-jaars cashproxy, laatste ECB-rente ECB bank interest ratesHogere rente dan vrij opvraagbaar spaargeld, nog steeds onder M3. | 1,87% | -0,9% | -1,38% | -2,04% -50%0+50% |
Euro staatsobligaties 7-10 jaar 12 maanden, ETF total return justETF iShares Euro Government Bond 7-10yrStaatsobligatiecomponent voor Harry Browne; dit is gerealiseerd totaalrendement, geen yield. | -0,12% | -2,84% | -3,31% | -3,31% -50%0+50% |
Bitcoin 12 maanden, BTC/EUR Binance BTCEUR klinesDagelijkse BTCEUR-slotkoersen: 31 juli 2025 tot 31 juli 2026. | -46,24% | -47,7% | -47,96% | -47,96% -50%0+50% |
Methode: alle waarden in deze tabel zijn als rendement per jaar weergegeven. CPI-correctie = (1 + nominaal) / (1 + CPI) - 1. M3-correctie = (1 + nominaal) / (1 + M3) - 1. Belastingvoorbeeld: 36% over positieve nominale winst.
Disclaimer: dit is een vereenvoudigd box 3-rekenvoorbeeld voor de Koopkrachtmeter. Nederland belast in 2026 niet automatisch elke werkelijke vermogensaanwas op deze manier; box 3 werkt met vrijstellingen, vermogensmix, forfaitaire rendementen en tegenbewijsregels. Dit dashboard is geen persoonlijk fiscaal advies.
De officiele CPI-meting staat op 2,8%, maar de brede geldhoeveelheid groeit met 3,3% en bestaande koopwoningen werden 4,1% duurder dan een jaar eerder. Vanuit Oostenrijks perspectief is dat verschil cruciaal: prijsinflatie is het zichtbare symptoom, terwijl geld- en kredietexpansie de vermogensprijzen eerder kunnen raken.
Deze meting laat zien waarom het politieke ongelijkheidsverhaal half is. Geldcreatie bevoordeelt eerst wie al schaarse assets bezit. Wie geen huis of portefeuille heeft, moet met inkomen en schuld concurreren tegen stijgende prijzen. Daarna presenteert dezelfde overheid meer belasting en meer overheidsuitgaven als remedie tegen de ongelijkheid die het systeem zelf voortdurend versterkt.
De staat maakt geld elastisch, assetbezit relatief belangrijker, en gebruikt de ontstane ongelijkheid daarna als argument om meer van de economie naar zich toe te trekken.
Niet hoeveel euro’s u erbij krijgt telt, maar hoeveel koopkracht u overhoudt na geldcreatie, risico en belasting.
Lees meer →