Koopkrachtmeter: waarom rendement niet hetzelfde is als koopkracht
Niet hoeveel euro’s u erbij krijgt telt, maar hoeveel koopkracht u overhoudt na geldcreatie, risico en belasting.
Lees meer →Geldhoeveelheid
Huizen en M3 lopen voor op inkomen; CPI zegt te weinig.
Lees dit dashboard als argument: eerst de conclusie, daarna de kerncijfers, dan de rendementen voor wie al vermogen heeft, en tot slot de bronnen.
12 maanden t/m juni 2026
Stap 1
De staat maakt geld elastisch, assetbezit relatief belangrijker, en gebruikt de ontstane ongelijkheid daarna als argument om meer van de economie naar zich toe te trekken.
De kern is niet dat bezitters “graaiers” zijn. Geldcreatie duwt activa omhoog. Wie al een huis, aandelen of goud bezit, heeft een vluchtroute. Wie leeft van loon en spaargeld, ziet de toegang tot bezit verder wegschuiven.
CPI staat op 2,8%, maar M3 groeit met 3,3% en bestaande koopwoningen werden 4,1% duurder. Prijsinflatie is het symptoom; geld- en kredietexpansie raken vermogensprijzen eerder.
Daarna presenteert dezelfde overheid meer belasting en meer uitgaven als remedie tegen ongelijkheid die het geldsysteem zelf versterkt.
Stap 2
De hoofdmeting: huizen, geldgroei en inkomen naast elkaar. CPI is bijzaak; de lat voor starters en spaarders ligt hoger.
Hoofdmeting
Gemiddelde woning
€496.235
Modaal inkomen
€48.500
Woning/modaal
10,2x
Overheidsbeslag
44,7%
De gemiddelde woningprijs steeg in euro’s naar schatting bijna 9,8 keer zo hard als de jaarlijkse stijging van het bruto modale inkomen.
Huizenprijsindex
bestaande koopwoningen, jaar-op-jaar
4,1%
M3-geldgroei
brede geldhoeveelheid eurozone
3,3%
CPI
bestuurlijk prijssymptoom
2,8%
Modaal inkomen
CPB bruto modaal inkomen, 2025 naar 2026
4,3%
Woning/modaal
10,2x
Woning +€
€19.544
Modaal +€
€2.000
Peilperiode
12 maanden t/m juni 2026
Valuta
EUR waar beschikbaar
Hoofdvergelijking
Huizen, inkomen, geldgroei
Staatslaag
Uitgaven en bbp-beslag
Stap 3
Alle rendementen worden per jaar getoond en vergeleken met CPI, M3 en een box 3-rekenvoorbeeld. Dit is geen portefeuilleadvies, maar een overzicht van vluchtroutes voor wie al vermogen kan alloceren.
Alle rendementen worden per jaar getoond en vergeleken met CPI, M3 en een box 3-rekenvoorbeeld.
Periode
12 maanden t/m juni 2026
M3-lat
3,3% per jaar
CPI-lat
2,8% per jaar
| Actief | Nominaal p.j. | Na CPI | Na M3 | Na belasting + M3 ↓ |
|---|---|---|---|---|
AEX total return 12 maanden, EUR ETF-totaalrendement justETF VanEck AEX UCITS ETFEUR-return inclusief uitkeringen als praktische AEX total-returnproxy. | 22,88% | 19,53% | 18,95% | 10,98% -50%0+50% |
Goud 12 maanden, XAU/EUR GoldBroker XAU/EURSpotgoud in euro; geen rente of dividend. | 20,83% | 17,54% | 16,97% | 9,71% -50%0+50% |
MSCI World 12 maanden, EUR ETF-return justETF iShares Core MSCI WorldWereldwijde aandelen in Europese ETF-notering; valutabewegingen zitten in de EUR-return. | 19,31% | 16,06% | 15,5% | 8,77% -50%0+50% |
60/40-portefeuille 12-maands EUR-proxy Berekening Staatslogica60% MSCI World EUR-return, 40% euro staatsobligaties 7-10 jaar. | 11,54% | 8,5% | 7,98% | 3,96% -50%0+50% |
Harry Browne-portefeuille 12 maanden, EUR-proxy Berekening Staatslogica25% MSCI World, 25% euro staatsobligaties 7-10 jaar, 25% goud, 25% EUR cash. | 10,51% | 7,5% | 6,98% | 3,32% -50%0+50% |
EUR cash / geldmarkt 12 maanden, EUR overnight ETF justETF Xtrackers EUR OvernightCashcomponent voor Harry Browne; geldmarktrendement, geen bankspaarrente. | 2,01% | -0,77% | -1,25% | -1,95% -50%0+50% |
Deposito tot 1 jaar 1-jaars cashproxy, laatste ECB-rente ECB bank interest ratesHogere rente dan vrij opvraagbaar spaargeld, nog steeds onder M3. | 1,87% | -0,9% | -1,38% | -2,04% -50%0+50% |
Euro staatsobligaties 7-10 jaar 12 maanden, ETF total return justETF iShares Euro Government Bond 7-10yrStaatsobligatiecomponent voor Harry Browne; dit is gerealiseerd totaalrendement, geen yield. | -0,12% | -2,84% | -3,31% | -3,31% -50%0+50% |
Bitcoin 12 maanden, BTC/EUR Binance BTCEUR klinesDagelijkse BTCEUR-slotkoersen: 31 juli 2025 tot 31 juli 2026. | -46,24% | -47,7% | -47,96% | -47,96% -50%0+50% |
Methode: alle waarden in deze tabel zijn als rendement per jaar weergegeven. CPI-correctie = (1 + nominaal) / (1 + CPI) - 1. M3-correctie = (1 + nominaal) / (1 + M3) - 1. Belastingvoorbeeld: 36% over positieve nominale winst.
Disclaimer: dit is een vereenvoudigd box 3-rekenvoorbeeld voor de Koopkrachtmeter. Nederland belast in 2026 niet automatisch elke werkelijke vermogensaanwas op deze manier; box 3 werkt met vrijstellingen, vermogensmix, forfaitaire rendementen en tegenbewijsregels. Dit dashboard is geen persoonlijk fiscaal advies.
Stap 4
Niet hoeveel euro’s u erbij krijgt telt, maar hoeveel koopkracht u overhoudt na geldcreatie, risico en belasting.
Lees meer →