
De koe was het niet
De prijzen stegen, zo vertelt het nieuws, omdat runderen, koffiebonen en cacaoplanten zich plots collectief tegen de consument hebben gekeerd. Het is een geruststellend verhaal: de schuld ligt bij dingen zonder stemrecht, terwijl het monetaire beleid netjes buiten beeld blijft. Inflatie wordt zo een natuurverschijnsel, geen beleidskeuze.
Wie het artikel leest, krijgt de indruk dat het leven duurder werd omdat alledaagse producten besloten meer te kosten. Alsof inflatie ontstaat in de supermarkt en niet in de geldpers. Rundvlees, koffie, chocolade en boter worden gepresenteerd als de hoofdrolspelers in een drama dat de consument overkomt, niet als boodschappers van een dieper probleem.
Ron Paul wees daar decennia geleden al op. Prijzen stijgen niet omdat producenten ineens inhalig worden of omdat koeien schaarser zijn gaan loeien. Prijzen stijgen omdat de rekeneenheid waarin alles wordt gemeten, zijn waarde verliest. Wanneer geld wordt verdund door structurele geldcreatie, worden niet goederen duurder, maar wordt geld goedkoper. Dat onderscheid verdwijnt steevast uit nieuwsartikelen, omdat het ongemakkelijke vragen oproept over beleid, schuld en macht.
Het artikel noemt hogere huren en duurdere voeding, maar vermijdt zorgvuldig de oorzaak die deze sectoren met elkaar verbindt. Inflatie is geen verzameling losse prijsstijgingen, maar een monetaire kettingreactie. Eerst wordt geld gecreëerd om tekorten te financieren, crisissen te managen en politieke beloften betaalbaar te laten lijken. Pas later verschijnen de gevolgen in de winkel, waar de consument wordt verteld dat hij pech heeft.
Ron Paul vatte het ooit scherp samen in End the Fed:
"Inflation is a hidden tax. It is the most regressive of all taxes."
Die verborgen belasting wordt nergens democratisch goedgekeurd, maar raakt vooral mensen die geen vermogen hebben om zich ertegen te beschermen. Spaargeld verdampt, vaste inkomens lopen achter en wie elke euro nodig heeft voor basisbehoeften merkt het als eerste. Dat rundvlees duurder is, is geen moreel falen van de boer, maar een signaal dat het geldstelsel structureel wordt misbruikt.
Wat het artikel ook niet benoemt, is hoe de overheid dit probleem zelf heeft gecreëerd. Jaren van nulrente, monetaire verruiming en begrotingsdiscipline op papier maar niet in de praktijk hebben geleid tot een economie die alleen kan functioneren bij voortdurende injecties van nieuw geld. De markt probeert zich aan te passen via prijzen, maar wordt vervolgens beschuldigd van het probleem.
In een vrije markt met gezond geld zouden prijsstijgingen lokaal en tijdelijk zijn. Slechte oogsten leiden tot hogere prijzen die productie stimuleren. Efficiëntie en innovatie drukken kosten weer omlaag. Het systeem corrigeert zichzelf. Wat we nu zien, is geen marktfalen maar een geldsysteem dat niet mag falen en daarom steeds verder wordt opgerekt.
Misschien is het daarom zo aantrekkelijk om de schuld bij boter en koffie te leggen. Die stellen geen vragen, eisen geen hervormingen en hebben geen stem in het parlement. Maar wie goed kijkt, ziet dat niet de koe de rekening presenteert, maar de staat die haar altijd heeft doorgeschoven. En zoals Ron Paul zou zeggen: zolang de oorzaak buiten beeld blijft, blijft de oplossing politiek onmogelijk.